Ik sta op het balkon, in de duisternis. De frisheid van de nacht omsluit me en de stadsgeluiden golven als een veld sprinkhanen op de achtergrond. Ineens herinner ik me de periode waarbij dit mijn dagelijks (of moet ik zeggen nachtelijk) ritueel was. Buiten, in de nacht, kijkend. Uur na uur, nacht na nacht. Naar de ramen aan de overkant. Iemand sluit zijn gordijnen. Een poes loopt balancerend over een vensterbank. Een TV flikkert blauwe zwembadkleuren op een muur. De meeste mensen slapen. Ik neem een grote slok wijn en voel me zoals tijdens al die jaren. Veilig in mijn geheime moment. In een donkerte dat me geen kwaad kan doen. Veilig maar nog meer geobsedeerd. Net als met mijn spiegelbeeld waar ik uren naar kon turen. Om te kijken of ‘ik er wel was’. Het moment van de waarheid uitstellend….
